Hoe staat Nederland ervoor?

Op pakjesavond 2023 kwam, naast de goedheiligman, ook een vervelend bericht: de leesvaardigheid van 15-jarigen is verder achteruitgegaan. Het was al niet rooskleurig gesteld met de leesvaardigheid van Nederlandse jongeren (al in 2019 kon een kwart van de 15-jarigen niet goed genoeg lezen om in de maatschappij te functioneren), en de neerwaartse trend lijkt zich verder door te zetten. Aan goedbedoelde initiatieven heeft het niet gelegen; de kinderboekenweek probeert al sinds jaar en dag de jeugd aan zich te binden en columnist/presentator Marcel van Roosmalen werd bekroond tot Ambassadeur van de Leesbevordering, een titel die daarvoor nog niet bestond, maar die wel ongetwijfeld begeert is. Hoe is Nederland van een leesland naar een land met steeds minder lezers gegaan? 

Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

Natuurlijk is het anekdotisch bewijs, maar als er onder studenten wordt rondgevraagd of zij nog lezen – en waarom niet meer – dan wordt er vaak gewezen naar Nederlands op de middelbare school. Lezen voor de lijst, begrijpend lezen; het zouden dit soort onderdelen van het vak zijn waardoor het leesplezier gestaag is afgenomen onder de Nederlandse jongeren. De mening dat begrijpend lezen een ramp van ontlezing heeft veroorzaakt, die wordt niet alleen onder studenten gedeeld; ook populair presentator Arjen Lubach maakte zich in 2020 druk om “begrijpend lezen,” en de daaruit voortvloeiende afkeer tegen lezen.
Dat jongeren slechter lezen is evident, maar laat het ook meteen duidelijk zijn dat dit niet komt omdat er geen aandacht voor is op de middelbare scholen: die is er namelijk wel degelijk. Ruim de helft van alle docenten, over de hele linie, besteedt structureel aandacht aan lezen en leesvaardigheid. Het probleem ligt niet zozeer bij de aandacht die scholen schenken aan het onderwerp, maar bij de invulling van het onderwerp. Door een overvloed aan focus op signaalwoorden en doelen van alinea’s zijn leerlingen niet meer bezig met wat ze moeten doen: een tekst écht begrijpen, en misschien gaandeweg ook nog wat leesplezier kweken. 

Welke gevolgen heeft dit probleem

Het voelt vreemd om in een geschreven artikel werkelijk argumenten voor te schotelen waarom het belangrijk is dat mensen (niet alleen jongeren, maar mensen in het algemeen) goed moeten kunnen lezen, minstens goed genoeg om te functioneren in de samenleving. Het voelt al helemaal vreemd omdat de groep waar het om gaat dit artikel waarschijnlijk niet eens zal lezen, en als zij dat wel doet dan is het nog maar de vraag in hoeverre deze groep deze tekst begrijpt.
Ik zal ook meteen ruimte voor speculatie wegnemen; de schuld voor het probleem van slecht lezen en ontlezing ligt niet bij de kwart van 15-jarigen die niet goed kunnen lezen. Het is gemakkelijk om deze groep weg te serveren als verwende nestjes die de hele dag Netflix kijken en geen boek meer in handen kunnen nemen, maar daar doe je deze groep te kort mee. Sterker nog, alhoewel 44 procent van de jongeren tussen de 12 en de 20 lezen niet leuk vindt, zegt ruim 90 procent van diezelfde groep dat ze lezen wel belangrijk vindt. Hoewel ze dus niet lezen als favoriete hobby hebben, zijn ze wel bereid om meer te lezen. Dat is goed nieuws, want lezen is om diverse redenen gunstig: zo stimuleert het de taalontwikkeling en kan het vooroordelen tegengaan. Daarnaast is goed kunnen lezen van belang voor kennisvergaring. Daarbovenop is goed kunnen lezen domweg belangrijk om goed te kunnen functioneren in de maatschappij. Het begrijpen van bijsluiters, het snappen van instructies, het zijn allemaal kleine dingen die van essentieel belang zijn, maar die wel ondergesneeuwd kunnen raken als de leesvaardigheid van jongeren niet opgekrikt kan worden. 

Welke oplossingen zijn mogelijk?

De leesvaardigheid van jongeren moet op niveau gebracht worden. En ik haal mij geen illusies in het hoofd; dat is niet een klus die binnen enkele jaren gedaan is. Meerdere kabinetsperiodes zullen nodig zijn voordat Nederlandse jongeren weer op hetzelfde niveau zijn als hun internationale leeftijdsgenoten. Het huidige beleid omtrent lezen en leesbevordering moet worden herzien.
De oplossing om het leesniveau weer omhoog te brengen is verrassend eenvoudig; er zal meer gelezen moeten worden. Uit onderzoek blijkt dat leesfrequentie een significante voorspeller is van leesvaardigheid. Uit dezelfde studie blijkt ook dat minder lezen leidt tot een verminderde leesvaardigheid. Door meer te lezen, leren mensen beter lezen.
Dus laat ik bij deze een lans breken voor literatuuronderwijs op de middelbare school. Het lezen en begrijpen van artikelen en boeken moet een centralere rol spelen in het onderwijs. Jongeren moeten geënthousiasmeerd worden voor de parels die de Nederlandse literatuur te bieden heeft. Daarmee is het ook van belang om voorbij de ‘Grote Drie’ te kijken, voorbij Multatuli en voorbij Van der Heijden, hoe prachtig de romans van deze schrijvers ook zijn. Laat leerlingen meer vrij in het kiezen van hun boeken, zodat zij ook hun eigen leesplezier ontwikkelen. Natuurlijk moeten leerlingen geïntroduceerd worden aan de klassiekers van de Nederlandse literatuur, maar laat hen deze dan ook eens vergelijken met werken van bijvoorbeeld Kluun of de proza van Giphart.
De Nederlandse literatuur heeft voor iedereen die zoekt een diamant in huis. Laat leerlingen hun diamant vinden en zich verliezen in een boek, ook als deze niet helemaal aan het predicaat ‘lezen voor de lijst,’ voldoet.
In de strijd tegen ontlezing is het boek het machtigste wapen, dus laten we deze niet al te selectief inzetten. 

Foto door lil artsy, via Pexels